19 - 26 december 2004
De groene parel van de Canaren
Gomera is na Hierro het kleinste eiland van de Islas Canarias (Canarische Eilanden). Het eiland is zo goed als rond (‘Isla Redonda’) met een diameter van 25 km en de oppervlakte bedraagt ongeveer 376 km2.
Het ligt 32 kilometer verwijderd van Tenerife en is een ruig bergeiland met een door indrukwekkende kliffen overheerste kustlijn. Gomera telt maar weinig stranden en het binnenland is bedekt met diepe en vaak groene valleien en ravijnen. Het authentieke landschap wordt met name in het noorden en westen van het eiland gedomineerd door een terrassenlandschap, waar onder andere aardappelen, maïs, bananen, tomaten, druiven en dadels wordt verbouwd.
Veel bezienswaardigheden zijn er niet en ook toeristenplaatsen zoals je op andere eilanden ziet, ontbreken. Geen grote hotels en appartementen-
complexen. Hiervoor krijgt je wel een overvloed aan rust en natuur. Liefhebbers hiervan komen op Gomera dan ook ruimschoots aan hun trekken.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat dit eiland bekend staat als een wandeleiland. Er is een uitgebreid net aan wandelpaden (met dank aan de Duiters), die recentelijk opnieuw zijn gemarkeerd en bewegwijzerd. Je kunt er dan ook heerlijk wandelen door een overvloed aan natuurschoon. Je moet wel rekening houden met wat nattigheid (hoe kan het anders ook groen zijn). Hoewel het eiland niet zo groot is, kunnen de verschillen in klimaat enorm zijn. De zuid- en zuidwestkust zijn aantrekkelijk voor toeristen door het groot aantal zonuren. In het Parque Nacional de Garajonay, dat slechts 15 kilometer van de kust af ligt, valt echter veel neerslag. Dit park bestaat uit uitgestrekte bossen waarin een bijna sprookjesachtige sfeer heerst, dit wordt mede veroorzaakt door de regelmatig voorkomende regen en mist.
In deze entourage is zes dagen gewandeld. De temperatuur varieerde van amper 10 tot ruim 20 graden. Het eten ook, hoewel de flan met palmhoning vaak als toetje werd geserveerd.
|
19-12:
20-12:
21-12:
22-12:
23-12:
24-12:
25-12:
26-12:
|
Aankomst in San Sebastian.
Wandeling naar Hermigua (18 km).
Wandeling via de Garajonay naar Chipude (15 km).
Wandeling door de Valle Gran Rey (14 km).
Wandeling via El Cercado naar Vallehermoso (19 km).
Wandeling via de Roque El Cano naar Agulo (13 km).
Wandelingvia o.a. Agua Jilva naar San Sebastian (18 km).
San Sebastian - Tenerife - Madrid - Amsterdam.
|
Als je op Gomera een palmboomgaard bezit dan moet je in de zomermaanden via gammele laddertjes of in de stam vastgezette houten paaltjes twee keer per dag een niet geheel ongevaarlijke klim naar de top van de bomen ondernemen (de Canarische palmen kunnen 25 m hoog worden). Tegen de avond wordt iedere dag een snee in de bloemknoppen gemaakt, zodat 's nachts het palmsap in een emmer kan sijpelen. Dit levert zo'n 16 liter sap op per boom. Wel moet dit sap 's morgens voor zonsopgang weggehaald worden, omdat het onder invloed van licht erg snel bederft. Dit gaat zo de hele zomer door. Na een "tap"jaar krijgt de boom vijf jaar rust om zich te herstellen.
Voor het maken van de palmhoning wordt het hele gezin ingezet. Eerst wordt het sap gekookt en onder voortdurend roeren ingedikt. Het duurt 2 à 3 uur tot de donkere siroop de juiste stroperige consistentie heeft bereikt. Vijf liter palmsap levert ongeveer één liter honing op. Vanwege de hoge voedingswaarde wordt de honing van oudsher als kindervoeding gebruikt. Het wordt ook gebruikt als vervanging van suiker in gebak en snoep en in diverse desserts.
De honing wordt echter in de eerste plaats gebruikt om alcoholische dranken te maken, zoals de mistela, een inheemse brandewijn.